Om uw verwachte pensioen in de huidige en nieuwe regeling te berekenen, gaan we uit van een aantal gegevens. Hieronder vindt u een overzicht van de uitgangspunten en aannames.
| Geen veranderingen in de pensioenregeling tot de pensioenrichtleeftijd 68 jaar | We gaan er bij de berekening vanuit dat de regeling die vanaf 1 april 2026 geldt niet meer verandert. Dat betekent ook dat de afspraken over de inleg voor uw pensioen niet veranderen. In de praktijk kan het zijn dat de pensioenregeling na verloop van tijd weer aangepast wordt of dat de wettelijke verplichtingen veranderen. |
| Geen veranderingen in uw privé situatie |
We zijn er voor de berekening vanuit gegaan dat u niet arbeidsongeschikt wordt, uit dienst gaat, gaat scheiden of overlijdt. Heeft u echter geen partner (of is er geen partner bij ons bekend)? Dan zijn we er voor het partnerpensioen wel vanuit gegaan dat u mogelijk een partner heeft op het moment dat u uw pensioen laat ingaan. Is dat op het moment dat u uw pensioen laat ingaan niet zo? Dan valt het pensioen voor uzelf hoger uit. We gaan er in de nieuwe pensioenregeling, net als in de huidige regeling vanuit dat u tot de pensioenrichtleeftijd van 68 jaar pensioen blijft opbouwen bij ons. In de nieuwe pensioenregeling rekenen we dus ook met de pensioenrichtleeftijd 68 jaar. Datum waarop de 1ste berekening is gebaseerd |
| Datum waarop de 1ste berekening is gebaseerd |
De 1ste berekening is gebaseerd op de gegevens die bij ons bekend zijn (uw persoonsgegevens en de gegevens met betrekking tot uw werk) en de financiële situatie van het pensioenfonds op 1 juli 2025. Deze datum ligt 9 maanden voor de datum van de daadwerkelijke overstap naar de nieuwe regeling. We hebben gerekend met een datum die in het verleden ligt, omdat we tijd nodig hebben om de berekeningen te maken voor iedereen met een pensioen bij ons fonds. We kiezen daarbij voor zorgvuldigheid boven snelheid. Dit betekent dat de 1ste berekening is gebaseerd op de stand van zaken op 1 juli 2025. Alle veranderingen daarna zijn niet meegenomen bij de berekening. Deze veranderingen kunnen wel van invloed zijn op de hoogte van uw pensioen. Op 1 april 2026 kunnen een aantal zaken anders zijn, waardoor de 2de en definitieve berekening, die u uiterlijk in september ontvangt, anders uitvalt:
|
| Ontwikkelingen in de toekomst |
Bij de berekening van de bedragen rekenen we met de 'uniforme rekenmethode'. Alle pensioenfondsen in Nederland gebruiken die methode, waardoor bedragen vergelijkbaar zijn. We berekenen uw verwachte pensioen en uw pensioen als het heel erg meezit en heel erg tegenzit aan de hand van een tabel. De Nederlandsche Bank levert elk kwartaal een update van deze tabel aan. De tabel bevat 2.000 scenario's voor de toekomst. Elk scenario bevat een combinatie van een bepaalde ontwikkeling ten aanzien van het rendement op de aandelen, de rente en de stijging van de prijzen. De scenario's lopen uiteen van uitzonderlijk positief tot uitzonderlijk negatief. We tonen het verwachte pensioen, het pensioen als het heel erg meezit en het pensioen als het heel erg tegenzit op basis van de uitkomsten in al deze scenario's. De 1ste berekening is gemaakt met de tabel (scenarioset) die gold op 1 juli 2025. De 2de berekening die u na de overstap ontvangt, maken we met de tabel die op 1 april 2026 geldt. We gaan er bij de bedragen mét koopkracht van uit dat de prijzen stijgen én uw salaris geleidelijk stijgt. |
|
De franchise |
Voor de 1ste berekening hebben we gerekend met de franchise die gold in 2025. Op 1 juli 2025 was de franchise voor 2026 nog niet verwerkt. |
|
Het omrekenen van het (verwachte) kapitaal naar een pensioen |
We berekenen met de tabel van de Nederlandsche Bank (zie Ontwikkelingen in de toekomst hierboven) uit wat het kapitaal voor pensioen is op de rekenleeftijd. Deze leeftijd is 68 jaar in de huidige pensioenregeling en blijft dat in de nieuwe pensioenregeling. Alle 2.000 uitkomsten hebben we omgerekend naar een pensioen. Deze 2000 pensioenen hebben we op een rij gezet. De 100ste uitkomst, de 1.000ste uitkomst en de 1.900ste uitkomst tonen het pensioen als het heel erg tegenzit, het verwachte pensioen (de middelste uitkomst) en het pensioen als het heel erg meezit. Bij het omrekenen van een kapitaal voor pensioen naar een pensioen, werken we met een 'inkoopfactor'. Deze hangt onder andere af van de rente, de levensverwachting en - in de toekomst - de verhogingen en verlagingen die we nog moeten verwerken (zie de uitleg over het verdelen van de verhogingen en verlagingen over meerdere jaren). Ook al is de pensioenregeling nog niet begonnen, we hebben al wel verwachte verhogingen en verlagingen verwerkt in de berekening en ook houden we rekening met het effect van de verwachte stijging van de prijzen. U ziet dit terug in de brief bij uw verwachte pensioen 10 jaar na ingang. |
| Compensatie |
Sommige werknemers hebben naar verwachting een nadeel van de overstap naar de nieuwe pensioenregeling. Bij de 1ste berekening hebben we gekeken of u op basis van de situatie op 1 juli 2025 in aanmerking komt voor een compensatie. Was dat zo? Dan hebben we het bedrag dat u op basis van de situatie op 1 juli 2025 erbij zou krijgen verwerkt in uw verwachte pensioen. Het is niet zeker of u een compensatie krijgt. In de 2de berekening ziet u of u daadwerkelijk een compensatie heeft ontvangen of niet. Bouwt u op 31 maart 2026 en/of 1 april 2026 geen pensioen op bij ons? Dan krijgt u geen compensatie. |
EN