Bestuursvoorzitter Gaby Lamers geeft onze financiële positie een 6+

‘We halen alles uit de kast om onzekerheid weg te nemen’

“De onzekerheid over een verlaging van de pensioenen in 2020 moet uit de lucht”, vertelt bestuursvoorzitter Gaby Lamers. “We zijn er op een haar na. Halen we deze grens, dan kunnen we een verplichte verlaging voor de komende vijf jaar uitsluiten en verder werken aan een jaarlijkse verhoging van de pensioenen. Want dáár hebben onze deelnemers en gepensioneerden veel behoefte aan.”

Hoe staan we er financieel voor als je het uitdrukt in een rapportcijfer? Gaby Lamers twijfelt geen moment: een ruime 6. “Net voldoende. We hebben genoeg geld om alle pensioenen te kunnen betalen. Oók in de toekomst. Op dat punt kan ik onze jonge deelnemers geruststellen. Er gaat nauwelijks geld van jullie naar de huidige gepensioneerden toe.” 

Waarom geen hoger cijfer? Er is nog veel onzeker. Ons fonds heeft een herstelplan. De buffers moeten verder worden aangevuld. Als de financiële positie niet herstelt, is een verlaging van de pensioenen in 2020 aan de orde. Dat is al over ruim een jaar. Wacht het bestuur dat moment af? “Nee, integendeel”, zegt Gaby Lamers: “We halen alles uit de kast om die onzekerheid weg te nemen. Niets is zo funest voor het vertrouwen.” 

Risico of rendement

De financiële positie van een pensioenfonds hangt voor een groot deel af van invloeden waar het bestuur weinig grip op heeft. Denk aan de politiek ( Pensioenakkoord), de rente (heel laag, waardoor het fonds veel geld opzij moet leggen voor later), de economie (gevolgen Brexit) en de beurzen (waarde aandelen stijgt en daalt).

Waar het bestuur wel grip op heeft, is het beleggingsbeleid. In de mix aan beleggingen kan het bestuur anti ciperen op een lage rente. Ook belegt ons fonds veel in staatobligaties (= leningen) van superveilige landen als Nederland en Duitsland. Bij een obligatie leen je als het ware geld uit aan een land. Aan het einde van de looptijd krijg je –als het goed is– je geld terug. In de tussentijd betaalt het land rente.

Daar kleven weinig risico’s aan, maar levert veel te weinig geld op. Nog sterker: Bpf MITT betáált de Nederlandse en Duitse staat om het geld 30-40 jaar veilig te kunnen onderbrengen in een obligatie. Gaby Lamers: “Je centen zijn veilig, maar je rendement is negatief. Daarom zijn we ook korter lopende obligaties gaan kopen van fi nancieel iets minder zekere landen, zoals Frankrijk en Spanje. Dan ontvang je wel rente voor de obligatie, maar heb je wel een iets hoger risico dat je aan het einde van de looptijd je geld niet (volledig) terugkrijgt. We beleggen ook in ondernemingen, hypotheken en infrastructuur. En dat zo duurzaam mogelijk om op lange termijn een goed rendement te krijgen.” 

Rendement nodig voor verhoging pensioenen

 “Dat rendement is nodig om de pensioenen te kunnen verhogen. Daar is écht behoefte aan”, realiseert de voorzitter zich. “We zitten er bovenop om voor het einde van dit jaar een beleidsdekkingsgraad te hebben van 104,4% of hoger. We zijn er op een haar na. De beleidsdekkingsgraad was eind oktober nog 104,2%. Als we de grens halen, hoeven we de komende vijf jaar geen pensioenen verplicht te verlagen. Dan is die dreiging uit de lucht en komt er meer ruimte in ons beleggingsbeleid. In die vijf jaar willen we toewerken naar een verhoging van de pensioenen.” Eén van de manieren waarop het fonds naar een verhoging van de pensioenen toewerkt, is door te groeien. Hoe groter het fonds, des te lager de kosten per deelnemer en des te meer geld er overblijft om te kunnen beleggen en voor de pensioenen. 

Aan tafel bij werkgevers

Bpf MITT gaat daarbij letterlijk de boer op. Beide voorzitters (werknemersvoorzitter en bestuurslid namens gepensioneerden Henk van der Meer en werkgeversvoorzitter Gaby Lamers) gaan samen met de actuaris langs bij werkgevers en andere pensioenfondsen om tekst en uitleg te geven. Zo is eerder Bpf Textielverzorging en dit jaar Pensioenfonds Ten Cate bij Bpf MITT gekomen. 

Deskundigheid bestuur neemt toe

 “Daarbij groeien we niet alleen in aantallen deelnemers, maar neemt ook de deskundigheid van het bestuur toe, doordat er ervaren bestuursleden bij komen en zittende bestuursleden verder worden opgeleid. Hoe deskundiger je bestuur, des te beter je risico’s en beleid kunt managen”, licht de voorzitter toe. Hij benadrukt de goede samenwerking binnen het bestuur: “Er zijn vertegenwoordigers van werknemers,
werkgevers en gepensioneerden. Maar we zitten op één lijn. Er is volop ruimte voor discussie en afwegingen, maar besluiten worden unaniem genomen. We zitten er niet voor onze eigen portemonnee, maar collectief voor het
fonds.”